Ik heb tussen de 5 en 10 jaar les gegeven op een HBO.
Ik stel me voor dat ik mijn leerlingen dit fragment uit een radioreclame zou voorleggen:
“Je vader leest iedere ochtend de krant. Met een kop koffie.
En een beetje gemopper over de politiek.
Je moeder ontbijt in haar kamerjas. Met een croissantje.
Zonder haast.”
Waarna ik de vraag in de groep gooi wat hier niet klopt.
Als het goed is springt men collectief op, briesend van verontwaardiging.
Mochten ze – ook collectief – vervallen in niet-begrijpend zwijgen, dan heb ik in de lessen tot dan toe iets vreselijk verkeerds gedaan.
Geef een reactie