Caviahoog door de sneeuw
Ja – het is mooi, al die sneeuw.
Nee, ik vind er niet veel aan.
De kippen weigeren het hok uit te komen.
Niet omdat ze het binnen knusser vinden, ze zien niets met sneeuw.
De konijnen naast het huis vinden het wel ok.
Ik dénk dat ze spelen in de sneeuw. Ze duwen ‘m op.
Maar misschien vinden ze het verschrikkelijk en proberen ze de troep wég te krijgen.
Wie kan kijken in het kopje van een konijn.
Wanneer ik om half vijf knagers ga voeren zak ik tot over mijn enkels in de nog steeds vallende sneeuw.
Tot over mijn enkels is 1 caaf met 10 cm erboven.
Dus zet ik de bakjes bij de openingen in de hokken, prop er wat vers hooi in en dat moet het voor vannacht dan maar zijn.
Moge het snel dooien.
Gaarkeuken
Het wás voorspeld maar dat het zo’n slecht weer zou worden had ik niet voorzien.
Slecht weer = hongerige vogels.
Waarvoor ik niet genoeg eten in huis heb.
Wat de eenden niet weten zodat ze in rotten van zeer velen meermalen per uur het erf op komen.
Tel daarbij de meeuwen en de kauwtjes en de turkse tortels (de mussen en de mezen komen er amper aan te pas) en ik begin me steeds onbeholpener en schuldiger te voelen.
Net een pizza voor ze opgewarmd en in hapklare stukjes gesneden.
Bord met pizza buiten gezet. Naar binnen gegaan, camera gepakt, naar het raam gelopen: pizza was al op.
Dat bedoel ik dus.
Afspraken maken
Ergens in het weekend zag ik een muisje over m’n aanrecht rennen en in een hoek tussen de niet goed aansluitende plankjes wegduiken.
Een klein minimuisje. Zó schattig.
Maandag trof ik op straat een buurvrouw en ik weet niet meer hoe het kwam maar we hadden het opeens over muizen in huis. Zij begon erover, denk ik. Ik wil niet bekend staan als iemand met ongedierte. Maar toen zij vertelde over haar muizen gaf ik wel toe dat ik ze óók had.
Ze vertelde over muizenvallen. Dat ze er zo drie hadden gevangen. Eentje had de val op het neusje gekregen (ipv dodelijk op de nek) dus die zou wel veel pijn hebben gehad, vermoedde ze.
Na dit verhaal neem ik me voor de eigen muisjes misschien niet per se te koesteren, maar er ook geen stappen tegen te ondernemen.
Leef en laat leven.
Net ga ik naar beneden om een glas wijn in te schenken.
Op de platen van het plafond in de keuken is zoveel geren en gepiep dat het lijkt alsof er zojuist een muizenkleuterschool is uitgegaan.
Of een familie muis heeft slaande ruzie.
Naast mij staan Sammie en Guus. Die doen of ze niets horen.
(slappe hap)
Zelf spreek ik de muizen toe.
Over de regels die hier gelden.
Zoals: wanneer ik beneden rondloop, wil ik *niets* horen. Ik wil niet weten dat er niet twee snoezige minimuisjes in mijn huis huizen maar misschien wel twintig. Of dertig. Of honderd.
Dus: mondjes toe en pootjes niet bewegen.
Tot ik naar bed ben. Dan: ga je gang.
Hebben we dat goed begrepen?
Het wordt stil boven mijn hoofd.
‘We’ hebben het dus inderdaad begrepen.
Heel goed. Dan weten we nu allemaal waar we aan toe zijn.
Rendier
R. en ik waren bij Ranzijn.
We kochten voer voor alle dieren en een zakje zand voor mij zodat ik dat kan strooien direct achter het huis en dus niet onderuit ga.
Alles was in kerstsfeer.
Ik kon mijn handen niet thuishouden en wou per se een rendier aaien.
R. leek het een goed idee daarvan een foto te maken.
Ingegraven in de graven
De bedoeling was per januari de Winkel een geheel nieuw uiterlijk te geven.
Het (goede) idee was van mijn webmistress. Helaas zaten er aan de uitvoering zeer veel haken en ogen.
Het kwam neer op: of zelf iets in mekaar flansen of er een dure ontwerper op zetten.
Zelf flansen vind ik geen optie – wat we al probeerden zag er amateuristisch uit.
Een dure ontwerper is evenmin een optie omdat een fraai nieuw jasje niet een omzet garandeert waardoor de ontwerper zich zou terugbetalen – laat staan ik er winst mee zou maken.
Toen het ’tada! een geheel nieuw ontwerp’ mbt de Winkel verviel, verviel ook de noodzaak per 1 januari iets te presenteren.
Zodat ik toegaf aan ‘geen zin’. Geen zin om nieuwe artikelen in te voeren. Wel zin om te verkopen en op te sturen natuurlijk.
Nu ben ik bezig met de graven.
Een beetje op mijn website. Veel op Find a Grave.
Iets hier en iets daar.
Rusteloos.
Raar idee eigenlijk, mbt graven.
What’s new Polocat
Vandaag is mijn VW Polo gerepareerd.
Hij heeft een nieuw instrumentenpaneel.
Het kostte een paar dubbeltjes minder dan € 557. Ik hoop dat hij er blij mee is.
Zelf had ik als vervangende auto een nieuwe VW Polo.
Tjonge, wat een mooi, gelikt autootje.
Deed me erg denken aan de Mercedes GLK 350.
Bij terugbrengen even gevraagd wat hij moest kosten.
Dat wist de jongen van de verhuur niet precies, maar hij dacht dat de fiscale waarde € 18.000 was.
Dat is een stuk minder dan de GLK 350 maar ook weer niet zo weinig dat ik kon zeggen ‘leuk, pak ‘m maar in, ik neem ‘m mee’.
Jongen springt van brug en redt hondje
(klik)
Tam konijn van de bestelkaart dankzij moi
Ik vond een diervriendelijke slager, wou daar een 2e bestelling plaatsen en zag toen dat ze tam konijn aanboden.
Waardoor ik geheel upset was.
Dus stuurde ik een mail over hoe dat zat. En reageerde op een aanbod van hun kant om het telefonisch te bespreken met: ik wil liever mailen.
Daarna hoorde ik niets meer.
Gisteren besloot ik er nog 1 mail aan te wijden.
Een nu-of-nooit-mail.
Deze reactie krijg ik net binnen en ik ben zeer content.
Excuus voor de late reactie.
Na uw eerste melding heb ik en gesprek gehad met onze poelier. Dit om
nogmaals te checken in hoeverre ons wild voldoet aan onze (en uw) eisen.
Zijn toezegging was te komen met een informatiefolder.
Uw mailtje even in de wacht gezet in afwachting op meer info. Helaas dus
ondergesneeuwd.
Inmiddels weer overlegd. Op basis van zijn en mijn onderzoek onze wildlijst
aangepast mbt het tam konijn. Deze verkopen wij dus ook niet meer.
De overige wildproducten in onze webwinkel passen binnen onze filosofie.
In ieder geval is de keuze voor sommige wildproducten best lastig te maken.
Er is (nog) geen keurmerk voor.
In ieder geval kunt u er van op aan dat bij mij de ethiek een grotere rol
speelt dan de commercíële kant.
Het sterkt mij in de gedachte dat alle kleine beetjes helpen. Elk ‘wat krijgen we nou?!’ mbt tam konijn en ganzenlever etc.
Zég er wat van, dóe iets.
Mensen/bedrijven die het niks kan schelen zullen nog steeds doen wat ze doen.
Maar heel soms maak je het verschil. En ik ga voor ‘heel soms’.
Helpdesk TNT Post
Miv 2011 gaan de tarieven voor brievenbuspost omhoog: van 44 cent naar 46 cent.
Maar als je nu voor 44 cent postzegels met het getal 1 koopt, behouden die hun waarde als ‘geschikt voor een brief van tot 20 gram’ en maak je dus eigenlijk per brief 2 cent winst.
Het behouden van de waarde geldt ook voor pakketzegels.
Die zijn ‘voor een pakket t/m 10 kilo’ en kosten nu € 6,75.
Als die tarieven per 2011 óók omhoog gaan, loont het dus om er nu een hoop in te slaan.
Alleen is dat nogal een investering dus wil ik even weten óf de tarieven omhoog gaan.
Ik bel TNT Post en kies direct voor ‘ja, ik wil hierna meedoen aan het tevredenheidsonderzoek’.
Na een keuzemenu beland ik bij een meisje dat zegt dat ze het niet weet maar me zal doorverbinden met ‘pakketpost’.
Daar tref ik Jacqueline die het óók niet weet maar ze zal het vragen.
Het duurt even en dan: ze weet het niet.
Omdat ze allerliefst is (thank you, Youp!) zeg ik dat ik het raar vind maar dat zij het natuurlijk ook niet kan helpen.
Nee, beaamt Jacqueline, “wij zijn afhankelijk van de informatie die wij krijgen die wij dan doorgeven.”
En wanneer ze deze informatie dan wél heeft? Eind van de maand, vermoedt ze.
Ik wacht tot de klanttevredenheid begint. Het is -hoe kan het anders- een keuzemenu.
Hoe tevreden ik ben met het antwoord, of mijn vraag is beantwoord, of ik TNT Post bij anderen zou aanbevelen (“zeer onwaarschijnlijk” toets ik in denkend: alsof we veel keus hebben).
“Nog een prettige dag.”
Zegt het bandje.
Uiterlijk
Tot op zekere hoogte heb ik vrede met het ouder dus lelijker worden.
Plastische chirurgie leek me daarom nooit een optie.
Jammer van de vetpartij op de buik, van de hangwangen, van de kalkoenhals, van de ooit zo pronte borsten die nu -begreep ik laatst- de benaming ’theezakjes’ zouden verdienen.
Waarover ik wel eens aarzel zijn de ogen.
Niet de wallen eronder, die ik eigenlijk met de jaren acceptabeler ben gaan vinden.
Wel de wallen erboven.
Die ik jaren zag groeien en groeien en nog steeds dacht ik ‘goh’ tot ik afgelopen vakantie wat zelfportretten in de spiegel wou nemen en zag dat ik er niet meer synchroon uitzie. Helemaal synchroon zag ik er nooit uit (dat is mooi maar saai) maar nu is 1 oog duidelijk kleiner omdat er meer bovenooglid over hangt.
Gatver.
Zal ik-zal ik niet.
Ik kijk in de spiegel en zie naar mijn idee *opeens* een zeer oude vrouw.
Ik sper de ogen, ik til met-de-hand de hangende oogleden op.
Ik denk aan verhalen (ook van vrouwen die ik ken) over er opeens veel jonger en kwieker enzo uitzien.
Een week niet om aan te zien en dan: eeuwige jeugd. Nou ja: tien jaar jeugd.
Wat heel wat is als je 60 bent (waaraan ik ook nog steeds moet wennen).
Er is een prijskaart (1500 Euro). Er is na de operatie een week niet de deur uit kunnen wegens gruwelijke bloeduitstortingen. Er is de eerste tijd je ogen niet dicht kunnen doen om te slapen. En ook nog zeker een half jaar een rood litteken.
Nee! besluit ik telkens.
Maar de aarzeling neemt toe.
Ik wou dat het al lente was
Het dooit
Hoi
Allereerst leuk dat je reageert en discretie is zeker geboden.
Sta jij ook op Facebook ?
Daar ook ik in een relatie zit wil ik dit heel voorzichtig aanpakken.
Hoor graag van je wanneer jij je kan vrijmaken
Ik kan altijd op een dinsdagmiddag of een vrijdagavond.
Tot snel.
Sara
Dit gericht aan ‘recepten@jeanne-doomen.net’.
Ganzenlever
In De Wereld Draait Door ging het o.a. over het bereiden van haas.
Een buitengewoon lekker recept behoefde ganzenlever.
De kok zei het, Mathijs van Nieuwkerk herhaalde het met gilmoogjes als zijnde een zeer smakelijk ingrediënt.
Ik werd daar niet goed van.
Vorige week was Joris van de Kerkhof van het Radio 1 Journaal bij een restaurant dat een Michelin-ster zou krijgen.
Hij zag op het menu: ganzenlever.
De vrouw van het restaurant legde uit dat het ging om een bijzonder recept met drie smaken en dit was er 1 van en dat hoorde erin.
Joris van de Kerkhof: “okee.”
Ik maak me daar boos om.
Omdat ik het zie als verloedering (zoals bont opeens ook weer wordt gedragen) en als lafheid.
Wel weten dat het helemaal niet ok is maar er om wille van de lieve vrede niets van zeggen.
Zelf weet ik al heel lang dat ganzenlever op een gruwelijke manier wordt geproduceerd.
Toen was ik ooit met mijn man op bezoek bij familie van hem.
Hapje vooraf was: toastjes met ganzenlever. Gepresenteerd als een uit het buitenland meegebrachte delicatesse.
Ik dacht: nee. Ik voelde: nee.
Ik woog af: ter discussie stellen en niet-gezellig doen of ‘gewoon’ mee eten.
Ik at mee. Zo min mogelijk. ‘Niet zo’n honger.’
Maar daar had die mishandelde gans niets aan.
En daarmee deed ik al helemaal niets aan het uitdragen van de boodschap dat dieren mishandelen voor een hapje op een toastje NIET ok was.
Het is nu zeker 15 jaar zo niet meer geleden en het staat me bij als de dag van gisteren.
Niet als: schiet me nu te binnen. Maar als: heb er nog regelmatig aan gedacht.
Met walging.
Vooral van mezelf.
Postbodes
Als linkse vrouw sta ik natuurlijk achter de postbodes.
Ze verdienen toch al zo weinig en nu raken er ook nog veel mensen hun baan kwijt.
Begrijpelijk dat TNT Post ze niet aan het werk kan houden als er niet vodoende post is. Maar toch naar.
Dus dat ze eerst 1 dag staken en dan twee – okee.
Zeker als daarna extra krachten worden ingezet om de achterstanden in te halen.
(Brievenbus)pakjes kunnen iets later aankomen, waarschuw ik klanten.
En ja: een dag later wordt normaal.
Meer dan een wéék later (twee pakjes naar Den Haag) vind ik niet meer normaal.
En wanneer klanten vragen of ik levering binnen twee dagen kan garanderen ivm Sinterklaas, ik ‘nee’ moet zeggen en zij dan de bestelling annuleren – dan is het niet leuk meer.
Volgende week staken ze opnieuw.
Vanaf dinsdagavond t/m vrijdag.
Dwz dat tenzij TNT Post een maandag gepost poststuk een dag later bezorgt (wat dezer weken een waar wondertje zou zijn), het er méér dan een week over zal doen.
En alles dat erna wordt verzonden wordt nog extremer vertraagd.
Ik wil graag solidair zijn met verongelijkte werknemers.
Maar nu die steeds minder solidair zijn met kleine ZZP-ers dreigt de rek er ernstig uit te gaan.
Musje-2
Ik had willen zeggen: het musje dat ik gisteren uit de kaakjes van mijn katten redde vloog vanochtend opgetogen weg.
Om acht uur is het licht.
Ik doe het doosje open, angstig klein vogeltje, ik houd het doosje buiten, musje vliegt eruit, musje valt op de grond, musje kruipt weg ergens achter de grijze bak.
Mijn fout.
Omdat het weliswaar licht was, maar nog geen musjes-tijd. Die komen pas na half negen uit hun nest.
Of het nu zich opgewekt bij de soortgenoten heeft gevoegd of ergens dood ligt (te gaan) – ik weet het niet.
Voor mijn eigen gemoedsrust houd ik het maar op het eerste.
Gevangen
Al een paar keer vanmiddag zie ik Guus en Sammie aandachtig kijken naar de hoek bij de kachel waar manden met hout staan.
Ik vermoed: muis gevangen en kwijt geraakt.
Vanavond kijk ik tv vanuit de stoel naast die hoek en ik hoor regelmatig wat gescharrel en soms slaat een kat er op aan en ik hoop vurig dat het een muis en geen rat is en dat wat het ook is wordt gevangen – er zwerven al teveel ooit-gevangen muizen door het huis.
Kwart over negen zie ik links bij een mand iets kruipen. Muis? Ik pak mijn bril, het is alweer weg. Ik zie het later nog eens en het blijkt een kleine vrouwtjesmus.
Wanneer ik haar wil pakken vliegt ze weg zodat zich een ellendig schouwspel ontrolt van angstige mus op lamp, op balk, de trap op, daar op lamp, terug naar beneden, op de grond, weer op een lamp etc.
In hot pursuit twee katers en ook ik.
Onderweg zet ik ramen open naar buiten hoewel ik betwijfel dat de mus daar iets aan heeft: ze oriënteren zich niet in het donker.
Dan vang ik haar. Met de blote handen. Wat iets zegt over de mate van uitputting. Wat haar weer niet weerhoudt van hard in mijn vingers bijten (goed zo, wijfie!).
Ik plaats mus in een klein doosje dat ik met een kier open laat en dat zet ik in een klerenkast op de slaapkamer waarvan ik ook weer een kier openlaat.
De slaapkamer sluit ik hermetisch voor katten.
Ik hoop dat musje wat kan slapen.
En dat ze morgen weer betrekkelijk opgewekt de vrijheid tegemoet kan.
Strooien
Ik herinner me van andere jaren dat zodra het maar een ietsje geijzeld had de strooiwagen door het dorp denderde.
‘Denderde’ omdat een beetje zware vrachtwagen op deze veengrond al snel alle huizen doet trillen. In elk geval het mijne.
Vroeg, tussen vijf en half zes, hoorde ik ‘m aankomen en daarna voelde ik ‘m denderen terwijl rood zwaailicht door mijn slaapkamer scheen.
Dit jaar niet.
Niet ‘zodra het ietsje ijzelde’. Helemaal niet.
Zodat ik gezien de weervoorspelling (nóg meer sneeuw) vandaag ipv morgen naar de Plusmarkt ben gereden.
Geglibberd.
Niet ‘bij wijze van spreken geglibberd’ maar écht.
Direct al bij de eerste bocht naar links het dorp uit. Wielen die trokken aan het stuur. Of beter: die zelf iets deden zonder dat ik iets deed met het stuur.
Dat zou zich nog een paar keer herhalen.
T/m het weer inparkeren voor de deur.
Intussen nog steeds niet in het eigen huis door elkaar geschud en bestraald met rode lampen.
Geen idee waaróm, maar de Schermer strooit dit jaar blijkbaar niet.
Ben reuze benieuwd waar ze m’n OZB dán aan willen besteden.



